VERHAAL
=======

Recentelijk is er steeds meer aandacht voor situationele 'cues' die
doelgericht gedrag kunnen oproepen buiten het directe bewustzijn van mensen (Aarts, Gollwitzer
& Hassin, 2004; Conner & Armitage, 1998). Een manier om mensen te be'nvloeden
is dan ook via subliminale 'priming' van doelgerelateerde cognities, zoals via
woorden of beelden (Strahan, Spencer & Zanna, 2002) of zelfs door blootstelling aan
indirecte verwijzingen naar mensen waarvan bekend is dat die diezelfde doelen
nastreven (Aarts et al., 2004). Mensen die bijvoorbeeld woorden te zien krijgen als 'succes',
'nastreven' of 'winnen' blijken beter te scoren op een taaltest dan mensen zonder die
manipulatie. Ook kan er sprake zijn van automatische 'overdracht' of 'besmetting' van
doelen van anderen door slechts het observeren van andermans gedrag 7 (Aarts et al.,
2004).

We bespreken hier enkele theoretische overwegingen en perspectieven,
waaronder: 

(1) het Communication/Persuasion Matrix model
(2) de theorie van beredeneerd gedrag
(3) de sociaal-cognitieve theorie
(4) de theorie van gepland gedrag
(5) voorafgaand gedrag
(6) de functie van attitudes
(7) affect controle theorie
(8) cognitieve respons theorie
(9) de invloed van emotie op informatieverwerking
(10) diffusie en invloed via sociale netwerken
(11) het Extended Parallel Proces Model
(12) terror management theorie
(13) de Integrative Theory of Behavior Change.
